Vanuit Olen rijd je via rustige binnenwegen langs de velden van de Zuiderkempen naar Tongerlo. Meteen de ideale plek voor de eerste stop en een bezoekje aan de prachtige abdij. De machtige lindendreef uit de 17de eeuw – de oudste uit de lage landen – voert je terug naar lang vervlogen tijden, net als het oude poortgebouw.
Van hieruit is het maar een kort eindje fietsen naar het mooie Westerlo. Langs de Boerenkrijglaan passeer je net voor je het dorp binnenrijdt het statige kasteel van gravin Jeanne de Merode, dat nu dienstdoet als gemeentehuis. Achter het kasteel vind je de dreven van de Beeltjens, goed voor urenlang wandelplezier.
Aan de andere kant van het dorp kan je even langs het kasteel van Prins de Merode fietsen. Het domein is niet toegankelijk, maar het zicht op het kasteel en het bijbehorende park is de moeite waard.
Vanuit Westerlo fiets je door de bossen en het groene hinterland van Herselt en Aarschot naar de indrukwekkende abdij van Averbode, die vanop een hoogte het omringende landschap domineert. Bij de abdij kan je genieten van een ijsje of een drankje, voor je aan het tweede gedeelte van je tocht begint.
Al die tijd fiets je in het betoverende grensgebied tussen Hageland en Kempen. Via Gerhagen, een uitgestrekt natuurgebied op het grondgebied van Tessenderlo, fiets je naar Laakdal, om van daaruit koers te zetten naar Oosterlo en Zammel, twee kleine dorpen in de vallei van de Grote Nete. Via Oevel keer je terug naar Olen, de trotse geboorteplek van je Norta-fiets.
